Duurzaamheid is een breed begrip, maar het komt er in het kort op neer dat in een duurzame wereld mens (people), milieu (planet) en economie (profit) met elkaar in evenwicht zijn, zodat we de aarde niet uitputten.
De Wereldcommissie voor milieu en ontwikkeling omschrijft duurzaamheid als “ontwikkeling die aansluit op de behoeften van het heden zonder het vermogen van toekomstige generaties om in hun eigen behoeften te voorzien in gevaar te brengen”. Kortom: de aarde zo gebruiken dat de toekomstige generaties er ook nog plezier van kunnen hebben. Bij duurzaamheid kan de aarde ook op langere termijn het totaal van onze consumptie dragen.

De Vossenburg ziet het belang en probeert ook haar bescheiden bijdrage te leveren:

Op 1 maart 2013 lagen de 150 zonnepanelen op de aardappelschuur. Gemiddeld genomen ‘draaien’ we daardoor energie neutraal, bij pieken (als zowel de aardappelen als de uien in de schuur moeten drogen) hebben we tekort maar op andere momenten leveren we terug aan het energienet.



We hebben op het erf, naast de ingang van onze huiswinkel, een digibord opgehangen waarop de actuele opbrengst, de totale opbrengst en ook de CO2-besparing voor iedereen te zien is.

\-

In datzelfde jaar (2013) zijn we begonnen met het verbouwen van Miscanthus (Olifantsgras). Miscanthus maakt efficiënt gebruik van regenwater en zonlicht, bemesten en gewasbescherming zijn niet nodig. Per hectare neemt olifantsgras vier keer zoveel CO2 op als een hectare bomen.


De verlichting in de stallen hebben we vervangen voor Ledverlichting. LED lampen zijn vele malen efficiënter in het omzetten van stroom naar licht, waardoor de lichtproductie beter is.

Door het lage energieverbruik stoot Ledverlichting daarbij ook nog eens veel minder CO2 uit.

Een ander voordeel, in ons geval, is dat Ledlampen niet warm worden en zo het gevaar op brand afneemt.

Om in het Buijtenland van Rhoon weer een stapje vooruit te maken in circulaire landbouw en dus met onze landbouw nog meer ‘naar de natuur’ te gaan, heeft Kraaijeveld’s aannemingsbedrijf b.v. bij ons een Bokasi-hoop gemaakt met de ‘methode’ van Bij de oorsprong.

Bokashi?
Bokashi is het Japanse woord voor ‘goed gefermenteerd organisch afval’. Bokashi is een manier om organisch materiaal terug te geven aan de bodem door het om te zetten in een rijke bodemverbeteraar. Net als bij het inkuilen van gras en maïs bij de rundveehouders wordt Bokashi in een hoop verwerkt en daarna afgedekt. De materialen (bij ons Rotterdams slootkantenbegroeiing {vnl riet}) worden daarvoor goed gemengd met effectieve micro-organismen (BB bodem van Bij de oorsprong) en gesteentemeel. Door het vervolgens, anaeroob (zonder zuurstof), 8-10 weken te laten fermenteren ontstaat het Bokashi.
Alle energie en voedingswaarden (voor de bodem) in het product blijven behouden omdat de hoop niet warmer wordt dan 40 graden en er worden ook nieuwe vitaminen, enzymen en antioxydanten gemaakt. In tegenstelling tot composteren komt er bij het maken géén CO2 vrij, daarmee is Bokashi een zeer milieuvriendelijke manier om koolstof terug te geven aan de bodem.

Waarom/-voor gebruiken we het?
Het wordt voor ons een nieuwe ervaring. Slootvuil, bladeren, bermgras uit Rotterdam zorgen elk jaar voor hoge afvoerkosten (verzamelen/vervoeren/verwerken). Via Bokashi kunnen we hier misschien een positief verhaal van maken; win-win-win: milieuwinst omdat Rotterdams afval in de regio wordt verwerkt, voor de aannemer lagere afvoerkosten en voor de Vossenburg een goede organische meststof. We zijn echter nog wel in de probeer fase, we maken ons nog wel wat zorgen of het voldoende vrij van plastics, fietsen, etc. is.
Mits schoon lijkt het een prachtige bodemverbeteraar (organische stof, voedsel voor bodemleven) die ook nog mineralen en spoorelementen (voeding voor de plant) met zich mee brengt.

Sinds mei 2018 hebben we 250 legkippen in een kipcaravan. De kipcaravan is van binnen een moderne, geautomatiseerde kippenstal. De kippen kunnen de hele dag naar buiten om te pikken en scharrelen in de natuur maar de caravan blijft open zodat de kippen, als ze willen, ook naar binnen kunnen. De kipcaravan heeft 10 zonnepanelen op het dak en genoeg accu’s om de niet-gebruikte-stroom in op te slaan. Omdat de kipcaravan 100% energieneutraal is kunnen we de caravan overal neerzetten, we zijn nooit afhankelijk van aanwezigheid van stroom.

Wij hadden veel schapen maar in natuurinclusief boeren paste onze vorm van schapenhouden niet meer. Door langdurige intensieve begrazing was er sprake van overbegrazing; de vegetatie had niet genoeg kans zichzelf te herstellen. Nu zetten we Heideschapen (alles-eters) in van John van Driel landschapsbeheer op plaatsen waar dat nodig is en zolang als het nodig is. De schapen lopen op de groenbemester steeds totdat ze deze ‘kaal’ hebben gegeten. Dat bespaart een werkgang met de trekker omdat we het anders mechanisch hadden moeten kort maken (klepelen of maaien) voor het gespit kan worden; schapen zijn veel lichter in gewicht en hebben geen diesel nodig. Groot bijkomend voordeel is dat de schapen de groenbemester ter plekke omzetten in mest.

We doen ons best om ‘samen met de natuur’ te boeren. Hier hoort ook bij dat we de bodem zo gezond mogelijk willen houden. Dat kunnen ook ‘dingen’ zijn die niet opvallen! Zo hebben we nieuwe banden aangeschaft.
Bij deze banden kunnen de zijwanden heel erg doorbuigen, je kunt daarom met een hele lage bandenspanning rijden. Door die lage bandenspanning is er een groot contactoppervlak met de grond waardoor er minder insporing en minder bodemverdichting zal plaatsvinden (druk op de grond wordt veel beter verdeeld) en de trekker heeft meer trekkracht; het gewicht van de trekker en het werktuig bepalen hoe laag de bandenspanning mag zijn

Onder natuur – flora & fauna leggen we uit wat groenbemesters zijn en waarom het zo goed is voor dieren, zowel boven als onder de grond. Toch verdient de groenbemester ook een plek hier onder duurzaamheid: de groenbemester ‘beschermt’ onze bodem tegen weersinvloeden en maakt de bodem (door beworteling en organische stof)) los en gezond. Door het telen van groenbemesters willen we de kwaliteit van de bodem voor de toekomst veilig stellen.